-
|
Geschiedenis en ontstaan van het Wado-ryu karate
 |
Oorsprong:
Hironori Otsuka is de grondlegger van het Wado-ryu karate, hij werd geboren op 1 juni 1892.
Hij kwam op vijfjarige leeftijd in contact met het jiujitsu. In 1905 ging hij naar de middelbare school, en daar begon hij het Shindo Yoshin Ryu Jiujitsu te beoefenen.
Zijn leraar was Tatsusaburo Nakayama. Deze stijl van jiujitsu kenmerkte zich door slag- en traptechnieken naar vitale punten van het lichaam en door het natuurlijk ontwijken van een aanval met zo min mogelijk verspilling van energie.
Otsuka maakte zich deze vorm van jiujitsu zo goed eigen dat hij in 1921 het menkyo (het diploma van volledige bekwaamheid) behaalde.
In 1922 zag Otsuka sensei een karatedemonstratie die werd gegeven door Gichin Funakoshi,
de grondlegger van Shotokan karate.
En slechts kort daarna begon Otsuka met zijn karatetraining bij Funakoshi.
In die tijd bestond de training hoofdzakelijk uit het beoefenen van kata. (zie wat is kata)
Otsuka vond het enkel maar beoefenen van kata in strijd met de spirit van het budo. Hij zag aanval en verdediging als één geheel (kobo itchi) als een typisch kenmerk van het budo.
Om dit te kunnen trainen ontwikkelde hij de kumite gata's en later de kihon kumite, samen met Funakoshi werden de
Kihon kumite verder ontwikkeld.
Twee jaar later, in 1924 demonstreerden zij samen deze vormen van " vechten op afspraak ".
Ook voegde Otsuka het Idori no kata (verdediging vanuit een zittende positie) en het Shiraha tori no kata (verdediging tegen zwaardaanvallen) aan het karate toe.
In 1928 was Otsuka hoofdleraar van de Shindo Yoshin Ryu jiujitsu en assistent-leraar in de dojo van Funakoshi sensei.
In 1939 wilde de Japanse budo-organisatie de Dai Nippon Budoku Kai dat alle karatestijlen zich officieel registreerden. |
|